Tagarchief: klei

Met plakjes klei een toren bouwen.

Er zijn verschillende manieren om met klei een beeld te bouwen.
Je kunt gewoon kneden en knijpen.
Je kunt stukjes klei aan elkaar kenden.
Je kunt worstjes klei op elkaar leggen en vast boetseren.
Je kunt ook met platen klei werken en die aan elkaar zetten.
In dit blog bericht bespreek ik iets anders; het opbouwen van een vorm met plakjes klei.

plakjes klei
Een verzameling plakjes klei.

Hierboven zie je de plakjes en stukje klei, die Maria heeft gesneden uit een plaat. Als je eerst een voorraad maakt, kun je daarna beginnen met bouwen.
Je rolt een plak klei uit tussen twee latjes van een zelfde dikte. Dat uitrollen doe je met een deegroller of een ronde stok.
Je hebt ook een bakje klei slib nodig, om de plakjes aan elkaar te zetten.
Klei slib maak je, door in een bakje klei met water te verroeren tot een papje.

De plakjes smeer je in met slib aan de kanten waar ze op elkaar
geplaatst worden.
Door de slib krijg je een verbinding tussen de stukjes.

Deze techniek is vooral geschikt voor architectonische vormen, zoals torens en gebouwen.
Het Kubisme heeft ons geleerd, dat je er ook figuren en gezichten mee kunt maken.
Kijk hier maar een naar wat voorbeelden.

Maria zet de plakjes voorzichtig op elkaar.

Het bouwwerk moet stevig en stabiel zijn. Dat is soms best lastig, omdat de verbinding tussen de stukjes niet meteen heel stijf is.
Je moet eigenlijk telkens even wachten, tot je met de volgende laag kunt beginnen.
Tip: werk aan meer objecten te gelijk.

Klein bouwwerk

Je ziet dat dit een heel ander resultaat geeft dan uit de hand boetseren.
Op de foto zie je ook de platen klei, een ronde stok en een meetlat om langs af te snijden en een bakje met kleislib.
Je kunt zo precies werken als je wilt, op de millimeter nauwkeurig, of met losser.

Portret boetseren.

Over het boetseren van een kop heb ik al vaker geschreven.
Het blijft fascinerend, hoe je het karakter van een persoon kunt vangen in klei.
Het mooie van een kop maken, is dat je uitdrukking en emoties kunt vast leggen. Ook is het fijn, omdat het heel concreet is.
Een hooft heeft oren, neus, mond, ogen, haren enz.
Het doel is eigenlijk heel duidelijk.
Maar dan begint het pas.
Hoe ziet de neus eruit, waar zit die? Hoe krijg ik een sprekende mond.
Waar zitten de oren en wat zijn dat ingewikkelde dingen!
Voor een beginnend boetseerder is het vaak een moeilijke zoek tocht, met veel obstakels en hindernissen.

Het is zoeken naar de verhoudingen en de juiste vormen.
Vaak is het zo moeilijk, dat je als cursist denk, nu heb ik een mooie neus, daar blijf ik af. Terwijl hij eigenlijk nog niet helemaal op de goed plek zit.
Juist bij een portret moet je al zoekend werken en vooral niet te klein denken.

Meestal wordt er te pietepeuterig en te bang gewerkt.
Je bent blij met wat je hebt en durft niet opnieuw een neus te maken.
Toch is het beter om spontaner te werken.
Om meer los te komen van je maniertje, kun je jezelf beperkingen op leggen. B.v. je mag alleen met één bepaald soort gereedschap werken.
Of je mag niet vergen en strijken. Zo dwing je jezelf om op een andere manier te werken. Door de beperking moet je andere oplossingen verzinnen.

Je kunt ook naar andere kunstenaars kijken die portretten hebben gemaakt. Zo zie je dat het niet altijd nodig is om perfect anatomisch juist te werken. Het gaat om hoe het portret overkomt, wat drukt het uit.
Wat is het karakter van de persoon.

Een kunstenares die een hele mooie website heeft met veel inspirerende video’s en films is: Mooniq Priem.
Het is een genot om haar te zien werken.

Voor jezelf kan het ook goed zijn een aantal korte schetsen te maken, om niet te lang vast te blijven zitten aan je kop. Zodat je niet in de valkuil trapt van verder prutsen.
Als je b.v. aan 3 koppen tegelijk werkt, kun je telkens weer wat afstand nemen en met frisse blik kijken.

Wat gaat de tijd toch snel.

Tot mijn schrik zie ik, dat er sinds de start van de cursussen in september geen nieuw bericht is geplaatst.
Het was een drukke en bijzonder herfst en toen kwam er ook toch weer een “Lock down” . De lessen moest ik weer stil leggen, terwijl iedereen net weer lekker bezig was. Sinds vorig voorjaar kon ik niet veel lessen geven.
Om te laten zien, dat we toch druk bezig zijn geweest met z’n allen hier een korte update.
De titel foto is van Maria, die een prachtige kop van een Geisha heeft geboetseerd. Op de foto zie je de binnenkant van de kop. De streepjes op de rand zijn voor het kleipapje om hem straks weer in elkaar te zetten.

Palmyre heeft haar spelend kind afgemaakt, die staat te wachten tot hij eindelijk gebakken kan worden.

En ze is begonnen met een nieuwe kop, ze wil leren spontaner te werken. Het doel is ook om meer uitdrukking in een kop te krijgen.

Nieuwe uitdagingen en nieuwe doelen hebben de cursisten zich zelf gesteld. Zo is Wim met een mannen torso begonnen en Marieke heeft hout verruild voor klei en gaat de strijd aan met youtube en intstagram voorbeelden.

De opzet voor een torso van Wim.

Yvonne heeft het zichzelf moeilijk gemaakt, ze wil deze stam van binnen uithollen door de kleine gaten die al in het hout aanwezig waren.

Het werkstuk van Yvonne, de stam wordt uitgehold door de gaten.

De komende tijd hoop ik weer meer berichten over de voortgang van al deze en nog ander werk van de cursisten te kunnen plaatsen.

Een heel bijzonder project.

Een project van Wim.
Hij wil “de fles van Klein” begrijpen en daarom gaat hij er één maken.
Het hele proces heeft meer dan een jaar geduurd.
Ook omdat er lessen uit gevallen zijn door corona.
Het proces van dit beeld laat zien, dat je veel geduld en doorzettingsvermogen nodig hebt om een bijzonder mooi resultaat te krijgen.

Zo is hij begonnen, hier zie je het binnenste van de fles.

Je ziet hier boven het begin van het werkstuk.
“De fles van Klein” is een wiskundig begrip, met veel toepassingen.
Wim is wiskundige en wil het principe van de fles met een oneindig oppervlak begrijpen.
“De fles van Klein” is wel vaker gemaakt, soms van glas, dan kun je de binnenkant ook zien.
Hierboven zie je ook wat er binnen in de fles van Wim zit, later als de vorm gesloten wordt, zie je het niet terug.
De vorm wordt, zoals je ziet hol opgebouwd.

Als het de vorm van de fles klaar is met één opening, maar een oneindig oppervlak, wil Wim er een beeld van maken.
Hij begint met poten en laat het langzaam groeien tot een soort draak.
Het beeld krijgt ogen, een tong en oren.
Alles wordt heel zorgvuldig aan de grondvorm vast geboetseerd.
De poten zorgen er meteen voor dat de fles niet hoeft te liggen, maar kan staan.
Hoe zorg ik ervoor dat een beeld goed blijft staan is een belangrijk beeldhouw probleem. Wim lost het goed op.

Stapje voor stapje veranderd de fles in een levend wezen.

Het wordt een vreemd wezen met een huid met schubben en stekels.
Wim kan zich helemaal uit leven in het variërend in oppervlakte structuren en kleine vormen, als vinnen, haren lelletjes enz.
Ik en de mede cursisten volgen zijn project en fantasie met aandacht en verbazing.
Uit eindelijk is het beeld klaar en wordt gebakken.
Altijd een heel spannende stap, vooral met veel kleine kwetsbare uitsteeksels.
Gelukkig gaat het allemaal goed.
De volgende stap is het beeld kleuren en transparant glazuren en nog eens bakken.
Het resultaat mag er zijn, kijk maar.

Heel mooi in detail gekleurd, met blauw, gele en groene engobe.

Het beeld van alle kanten.

Werken met transparant glazuur.

Ik heb al vaker over het kleuren van klei geschreven op de weblog.
In dit stuk je gaat het speciaal over transparant glazuur.
Omdat we in de lessen de klei meestal kleuren met engobe, moet er daarna nog transparant glazuur overheen.

Afwerken met transparant glazuur.
De werkstukken van Jordi, de sang heeft hij al af de ander voorwerpen moeten nog gekleurd worden.

Jordi is hier bezig met zijn werkstukken kleuren.
De slang zit al in de engobe en transparant glazuur. Met de blaadjes is hij net begonnen.
Je zet eerst een kleur op de gebakken klei, in dit geval, daarna doe je er transparant glazuur overheen.
Dan krijg je een intensere kleur en is de klei beter beschermd tegen invloeden van buiten af.
De engobe kun je er soms nog makkelijk afwrijven, ook als het gebakken is. Door het glazuur versmelt het meer met de klei.
Transparant glazuur glimt een beetje.
Je hebt mat en glanzend.
Je koop t het bij een beeldhouw benodighedenzaak zoals Diks Artistsuplier.

transparant glazuur voor klei. hoe werkt dat?
Transparant glazuur.

Hier zie je de werkstukken van Jordi nog eens. Nu zijn ze wit, de transparant glazuur zit er overheen.
In de lessen werken we met kwasten, een spuitcabine is er niet.
Hieronder zie je het glimmend en gladde effect op een werkstuk van Herman.

ijsvogel
De ijsvogel van Herman

Hier vind je meer over het kleuren van klei.
Hoe geef ik klei een kleur?

Een abstracte vorm boetseren.

Vaak wordt er gedacht dat abstract werken makkelijker is, dan een figuratief beeld maken.
Eigenlijk is het allebei even moeilijk.
Om abstract te kunnen werken heb je veel fantasie nodig en je moet niet te bang zijn.
Dit beeld is gemaakt door Agnes, ze zegt weliswaar altijd “ik doe maar wat”,
Daarin zit meteen de kern, je moet jezelf de vrijheid geven maar zo iets te doen.
Dit zomaar iets doen stimuleer ik graag als docent.
Tot op een bepaald punt, want opeens is het toch een beeld en moet het aan bepaalde eisen voldoen om een aangenaam en interessant object te worden.

beeld van witte klei
Beeld met veel vormen.

Een abstract beeld moet net als ieder beeld ruimtelijk zijn en als het kan van geen kant het zelfde.
Het mag eigenlijk geen voor en achterkant hebben.
En je mag het beeld niet in één oogopslag snappen.
Bij dit beeld van Agnes is dat goed gelukt.
Je kunt het mooi zien op de foto’s.

Wat ook heel belangrijk is, is de spanning op de vorm.
Dat is iets waar ik vaak op moet wijzen. Het mag geen slappe boel lijken. het ding moet fier overeind staan.
Dat is een van de moeilijkste dingen bij het werken met klei.
Klei is slap en wil graag inzakken. toch moet je proberen om het goed en sterk overeind te houden.
Vooral het afwerken, als de klei al harder is is dan heel belangrijk en een nauwkeurig en tijdrovend werk.
Op dit laatste traject geef ik haar vaak nog wat aanwijzingen.
Door het beeld op te ruwen als het leerhard is verdoezelt Agnes kleine oneffenheden.

beeld van witte klei
Het beeld een slag gedraaid.

Je ziet dat het beeld veel beweging heeft.
Ander werk van Agnes zie je hier in dit blog wat ik eerder schreef.

wit beeld van klei
Van alle kanten anders

Hoe geef ik kleur aan klei?

De klei die je gebruikt om te boetseren koop je in pakken van 10 kilo, bij een speciale winkel voor beeldhouw benodigdheden.
Dit kan b.v. bij Dirksartissupliers in Druten.
De kleuren die de boetseer klei heeft zijn beperkt.
Er is wit bakkende klei, zo noem je dat, omdat de klei pas zijn definitieve kleur krijgt na het bakken.
Je hebt ook zwart bakkend en rood bakkende.
De rode kleur kan variëren van oranje tot donkerrood.
De zwart bakkende van bruin tot zwart.
Ik kan me voor stellen, dat je graag meer kleuren zou willen gebruiken.
Daarvoor zijn verschillende manieren.
Je kunt het galzuren.
Je kunt het insmeren met verf, olie, vet, vetkrijt, goudverf, grafiet enz.
Je kunt het ook kleuren met engobe.
Engobe is kleislib, je brengt het met een kwast aan als je werkstuk klaar is. Dat kan op natte klei, maar ook als je werkstuk al droog is.

Yvonne heeft een zwaluw gemaakt, hier kleurt ze hem met zwarte engobe.

De engobe moet je niet te dik opbrengen anders bladert het af.
Daarna moet het werkstuk gebakken worden.
Omdat alleen engobe niet goed blijft zitten, zetten we er een laagje transparant galzuur overheen, dan hecht het beter aan de klei en kan het tegen een stootje.

Dit is een beeld van Herman, hij kleurt al zijn beelden met engobe.

Hier zie je een werkstuk van Herman, met zwarte engobe en transparante glazuur. Door de glazuur word de kleur sprekender.
Met engobe kleuren is makkelijker dan glazuren, omdat je veel kant en klaren kleuren hebt, die makkelijk zijn aan te brengen.
En je maar één soort glazuur nl. transparant nodig hebt.
Ik ben benieuwd wat jou favoriete manier van klei kleuren is.

Het menselijk lichaam

Het menselijk lichaam boetseren is heel interessant. De vormen zijn prachtig een heel inspirerend. Dat zie je aan alle mooie beelden in musea, kerken en aan gebouwen.
Voor cursisten is het een uitdagend onderwerp.
Tegelijk is het voor een beginner heel moeilijk.

boetseren
Ton heeft een vrouwen lijf geboetseerd in rode klei

De vormen van een lichaam zijn heel complex. De verhoudingen heel belangrijk.
Voor een beginner is een torso een aantrekkelijke werkvorm.
Je kunt je consenteren op de grote lichaamsvorm. Het hoofd, de handen en de voeten kun je weg laten.
Ton heeft hier voor het eerst een vrouwen lichaam geboetseerd.

boetseren
Vrouwen torso van Ton.
proeflessen beeldhouwen
Deze torso is het resultaat van 5 proeflessen

Hier zie het zoeken naar de verhoudingen en de vormen van de borstkas en de buik. Hoe zitten de benen eigenlijk aan de romp. De cursist heeft dit in 5 proeflessen gedaan.

werken met klei
De benen van een jonge man kleien

Wim is de romp van een jonge man aan het maken is.
Als hulp middel heeft hij de verhoudingen van een lichaam op een raster gezet. Dit helpt hem om de juiste lengtes van de lichaamsonderdelen te bepalen.

Kijken bij een collega

Ik wil jullie graag een interessante video laten zien, over een collega uit Zwolle.
Je krijgt een kijkje in haar lessen.
Ook in Zwolle is het creativiteit centrum verdwenen, net als hier in NIjmegen, “De Lindenberg” niet meer bestaat voor de beelden vakken.
De kunstenaars die er werkten zijn allemaal op zichzelf verder gegaan met hun lessen en cursussen.
Daarom ben ik ook met deze site begonnen.
In de video vertellen cursisten wat ze leren en ervaren.
Je ziet ze werken met verschillende technieken, en mogelijkheden van het ruimtelijk werken.
Hoe boetseer je een portret, hoe maak je een ruimtelijk object met ijzerdraad. Kortom je kunt er wat van opsteken.
Wat ik ook heel goed vind, is hoe Annette Boven het verschil uit legt tussen therapeutisch werken, vanuit emotie en het werk wat een kunstenaar doet en dat overbrengen op je leerlingen.

Wat is restruimte

Boetseren kan soms heel ingewikkeld en verwarrend zijn.
Je hebt een vorm in je hoofd, of je wilt iets maken naar de waarneming. Wat je ziet of fantaseert bestaat uit veel details en onderdelen.
Dan kan het helpen je op de restruimte te consenteren.
Restruimte is de ruimte om het onderwerp, of tussen het onderwerp.
Zeg maar de lucht eromheen.

Mannetjes
Mannetjes van klei

Dit groepje mannetjes staat daar te kijken, je ziet tussen het zwart de ruimte, die ruimte is simpeler van vorm, dan de figuurtje samen.
Door je op de omtrek te concentreren kom je makkelijker tot een vorm. Omdat het ruimtelijk werk betreft veranderd de ruimte tussen de figuren met het draaien ervan.

kleimannetjes
Kleimannetjes

De restruimte is niet alleen een belangrijk hulpmiddel bij het maken van werk, het zorgt ook voor spanning in het werk.
De afstand tussen de figuren en hoe ze naar elkaar toe gedraaid zijn bepaald de sfeer en de verhouding in het werk.
Met heel simpele vormen kun je zo veel suggereren, dat is het mooie en spannende aan dit werk van Liduine.

alleen
Eén hoort er niet bij